Avondliedeken


Er leefde ooit een man die zijn medemens als broeders en zusters zag, die een boodschap van liefde en vrede bracht en ons de Weg liet zien. Zelfs al heeft deze man nooit bestaan, dan nog is hij een voorbeeld om te volgen.

Onlangs las ik een reactie op youtube van een verpleegster die haar ganse leven op de dienst palliatieve had gewerkt. Ze schreef dat ze duizenden mensen had begeleid en dat er twee soorten mensen waren op het doodsbed: de spirituelen en de anderen. De "anderen" waren de atheïsten en de strikt katholieken: zij beleefden een zware doodsstrijd vol met paniek, angst en gruwel want werden plots met iets geconfronteerd dat ze altijd voor zich uit hadden geschoven of onder de mat geveegd. De spirituelen daarentegen, die hun ganse leven aan zichzelf hadden gewerkt en getracht hadden om goed te doen voor de planeet en hun medemens, verlieten dit leven met een glimlach op hun gezicht, in rust en in vrede.

Vermits je eigen schuldgevoel bepaalt waar je terechtkomt in het hiernamaals en in een volgend leven, is het duidelijk welk pad de moeite loont en op lange termijn rendeert. 

Dichteres Alice Nahon (Antwerpen, 1896-1933) omschreef het wondermooi in haar gedicht Avondliedeken waarmee ik graag afsluit:

’t Is goed in ’t eigen hert te kijken
Nog even vóór het slapen gaan,
Of ik van dageraad tot avond
Geen enkel hert heb zeer gedaan;
Of Ik geen ogen heb doen schreien,
Geen weemoed op een wezen lei;
Of Ik aan liefdeloze mensen
Een woordeke van liefde zei.
En vind ik, in het huis mijns herten,
Dat Ik één droefenis genas,
Dat Ik mijn armen heb gewonden
Rondom eén hoofd, dat eenzaam was…;
Dan voel Ik, op mijn jonge lippen,
Die goedheid lijk een avondzoen.,.
’t Is goed in ’t eigen hert te kijken
En zóó z’n ogen toe te doen,

 

foto Thai Ch. Hamelin